Clafoutis aux cerises
Een klassiek dessert uit de Franse streek Limousin: donkere kersen in een eenvoudig beslag tussen pannenkoek en custard. Lauwwarm geserveerd, direct uit de ovenschaal, is dit een puur en huiselijk nagerecht.
Aantal personen: 4–6
Voorbereiding: 10 min
Bereiding: 40 min
Totale bereiding: 50 min
Ingrediënten
- 350 g verse kersen (liefst met pit)
- 3 eieren
- 100 g kristalsuiker
- 1 zakje vanillesuiker
- 1 snufje zout
- 80 g bloem
- 250 ml volle melk
- 25 g boter (plus extra om in te vetten)
- Poedersuiker, naar smaak, voor afwerking
Voorbereiding
- Verwarm de oven voor op 180 °C (boven- en onderwarmte).
- Vet de ovenschaal royaal in met boter.
- Was de kersen kort onder koud water, verwijder de steeltjes en dep ze daarna goed droog met keukenpapier. Laat de pitten zitten voor de klassieke versie.
Bereiding
- Smelt de 25 g boter op laag vuur of in de magnetron en laat iets afkoelen.
- Klop in een grote kom de eieren los met de kristalsuiker, vanillesuiker en een snufje zout tot het mengsel licht schuimig is.
- Zeef de bloem boven de kom en klop door tot een egaal beslag zonder klontjes.
- Voeg de melk geleidelijk toe, al kloppend, tot een dun, glad beslag ontstaat.
- Roer tenslotte de gesmolten, iets afgekoelde boter door het beslag.
- Leg de kersen in een enkele laag op de bodem van de ingevette ovenschaal.
- Giet het beslag voorzichtig over de kersen.
- Bak de clafoutis 35–40 minuten in het midden van de oven, tot de bovenkant goudbruin is en het midden nét gestold aanvoelt (een in het midden ingestoken prikker mag nog heel licht vochtig zijn, maar niet nat).
- Haal de clafoutis uit de oven en laat hem 10–15 minuten rusten, zodat de structuur kan zetten.
- Bestuif vlak voor het serveren licht met poedersuiker.
- Serveer de clafoutis lauwwarm, rechtstreeks uit de schaal. Het dessert is op zichzelf volledig, maar wie wil, kan er een lepeltje crème fraîche naast geven.