Caponata Siciliana
Caponata is een klassiek gerecht uit Sicilië, boordevol aubergine, bleekselderij, ui, tomaat en een kenmerkende zoetzure toets van azijn en suiker. Serveer deze groenteschotel lauwwarm of op kamertemperatuur als bijgerecht, voorgerecht of op een dikke snee brood.
Aantal personen: 4
Voorbereiding: ca. 20 minuten
Bereiding: ca. 40 minuten
Totale bereiding: ca. 1 uur 30 minuten
Ingrediënten
- 2 middelgrote aubergines
- 2 stengels bleekselderij
- 1 ui
- 4 trostomaten
- 2 eetlepels kappertjes
- 50 g groene of zwarte olijven
- 1 eetlepel rietsuiker
- 2 eetlepels rodewijnazijn
- 2 eetlepels pijnboompitten
- 2–3 eetlepels rozijnen
- 6–8 eetlepels olijfolie (bij voorkeur extra vierge)
- Zout en versgemalen zwarte peper
Voorbereiding
- Snijd de aubergines in blokjes van 1–2 cm. Bestrooi licht met zout en laat ze 15 minuten uitlekken in een vergiet. Dep daarna droog met keukenpapier.
- Snijd de ui in halve ringen.
- Snijd de bleekselderij in dunne boogjes.
- Ontpit en halveer de olijven indien ze nog heel zijn.
- Snijd de tomaten in kwarten, verwijder het vochtige binnenste en snijd het resterende vruchtvlees in blokjes.
Bereiding
- Verhit in een grote pan op middelhoog vuur ongeveer 3–4 eetlepels olijfolie.
- Bak de aubergineblokjes, bij voorkeur in porties, kort rondom licht goudbruin. Voeg alleen een extra klein scheutje olie toe als de pan echt droog dreigt te worden. De blokjes hoeven nog niet volledig gaar te zijn; ze garen later verder in de saus. Laat de gebakken aubergine uitlekken op keukenpapier.
- Doe, indien nodig, nog een beetje olijfolie in dezelfde pan. Fruit de ui en bleekselderij op laag tot middelhoog vuur zacht en glazig, ca. 5 minuten.
- Voeg de tomatenblokjes toe en laat alles ongeveer 10 minuten zachtjes sudderen, tot de tomaat begint uiteen te vallen.
- Voeg vervolgens de kappertjes, olijven en de gebakken aubergine toe. Strooi de rietsuiker erover en schenk de rodewijnazijn erbij. Roer goed door.
- Laat de caponata nog 10–15 minuten zachtjes pruttelen, zodat de smaken goed kunnen mengen en de aubergine volledig mals wordt. Proef en stel de zoetzuur-balans zo nodig bij met een klein beetje extra suiker of azijn.
- Rooster intussen de pijnboompitten in een droge koekenpan op laag vuur, tot ze licht goudbruin zijn. Laat ze kort afkoelen.
- Voeg tegen het einde van de kooktijd de geroosterde pijnboompitten en de rozijnen toe. Roer kort door en haal de pan van het vuur.
- Breng op smaak met versgemalen zwarte peper en, indien nodig, extra zout.
- Laat de caponata minstens 30 minuten rusten, bij voorkeur enkele uren, zodat de smaken zich volledig kunnen ontwikkelen. Serveer op kamertemperatuur: als voorgerecht met een stuk knapperig brood, als onderdeel van een antipasti-plank, of als bijgerecht bij gegrilde vis of vlees.
- Caponata is de volgende dag vaak nog smaakvoller. Bewaar afgedekt in de koelkast en laat voor serveren weer op kamertemperatuur komen.