Bulgur

Bulgur is voorgegaarde, gedroogde en gebroken tarwe die vooral bekend is uit de keuken van het Midden-Oosten en het oostelijke Middellandse Zeegebied. Het kookt snel, heeft een lichte nootachtige smaak en doet het goed in salades, bij stoofgerechten en als alternatief voor rijst of couscous.

Latijnse naam: Triticum aestivum (meestal) / Triticum durum
Herkomst: Midden-Oosten en oostelijk Middellandse Zeegebied
Plantfamilie: Poaceae (grassenfamilie)
Levensduur: Eenjarig

Beschrijving

Bulgur wordt gemaakt van tarwekorrels die eerst worden gestoomd of gekookt, daarna gedroogd en vervolgens grof of fijn worden gebroken. Door die voorbewerking is bulgur snel klaar en krijgt het een kenmerkende, licht geroosterde smaak. Je vindt het in verschillende groftes: fijne bulgur is geschikt voor salades en vullingen, terwijl grovere bulgur meer bite heeft en beter werkt als bijgerecht of in soepen en stoofpotten.

In de keuken

Bulgur heeft een aangename, stevige beet en een zachte tarwesmaak die makkelijk andere smaken opneemt. Fijne bulgur wordt vaak geweekt en verwerkt in tabouleh, kibbeh of als vulling voor groenten. Grovere bulgur kook je kort in water of bouillon en serveer je als basis voor een maaltijd, vergelijkbaar met rijst. Het combineert goed met frisse kruiden en citrus, maar ook met warme specerijen en rijke stoofgerechten. Door de snelle bereiding is bulgur handig voor doordeweekse maaltijden: met wat olijfolie, citroen en geroosterde groenten heb je snel iets dat zowel licht als vullend is.

  • Klassieke combinaties: peterselie, munt, tomaat, komkommer, citroen, olijfolie.
  • Hartig: lamsvlees of kip, kikkererwten, aubergine, paprika, yoghurt, bouillon.
  • Werktip: proef de grofte: fijne bulgur heeft vaak genoeg aan weken, grovere bulgur vraagt meestal kort koken.

Bewaren & bereiding

Bewaar droge bulgur luchtdicht, koel en donker. Eenmaal bereid kun je het afgedekt in de koelkast bewaren en binnen een paar dagen gebruiken; het is ook prettig om koud door salades te mengen. Voor extra smaak kun je bulgur eerst kort in een scheutje olie of boter aanbakken en daarna garen in bouillon. Laat het na het garen nog 5–10 minuten afgedekt staan en maak de korrels los met een vork; zo wordt het luchtiger en plakt het minder.