Blauwe bessen

Blauwe bessen zijn kleine, sappige bessen met een mildzoete smaak en een frisse, licht kruidige toets. Ze zijn heerlijk uit het vuistje en doen het net zo goed in ontbijt, baksels, desserts en sauzen.

Latijnse naam: Vaccinium corymbosum
Herkomst: Noord-Amerika
Hoogte: circa 1–2 m
Bloeiperiode: mei–juni
Levensduur: meerjarig

Beschrijving

De blauwe bes komt van een houtige struik uit het geslacht Vaccinium. In de winkel gaat het meestal om gekweekte blauwe bessen (highbush), die groter en sappiger zijn dan de wilde bosbes. De schil is donkerblauw met een lichte waas, het vruchtvlees is vaak licht van kleur en barst van het sap zodra de bessen goed rijp zijn.

In de keuken

Blauwe bessen zijn zachtzoet met een frisse bite. Ze combineren mooi met yoghurt, kwark, havermout en granola, maar ook met citroen, vanille, kaneel en noten. In baksels zoals muffins, pancakes en taartjes houden ze hun vorm, terwijl ze tegelijk een paarse “marmering” kunnen geven. Ook hartig kunnen ze verrassend goed werken, bijvoorbeeld in een salade met geitenkaas, of als snelle compote bij wild of geroosterde groenten.

Bewaren & bereiding

Bewaar blauwe bessen ongewassen in de koelkast, bij voorkeur in een bakje met ventilatie of losjes afgedekt. Was ze pas vlak voor gebruik en laat ze goed uitlekken, zodat ze stevig blijven. Wil je ze invriezen, spreid ze dan eerst los uit op een plaat; daarna kun je ze in een zak of doos bewaren. Bevroren bessen zijn ideaal voor smoothies, coulis, compote en bakken (voeg ze bevroren toe voor minder “bloeden”).