Radijs
Radijs is een kleine, knapperige groente met een frisse, peperige bite. Je eet hem meestal rauw in salades of op brood, maar kort bakken, roosteren of inmaken maakt de smaak zachter en ronder.
Latijnse naam: Raphanus sativus
Herkomst: Azië (oorspronkelijke herkomst), wereldwijd geteeld
Beschrijving
Radijs hoort bij de kruisbloemigen en is familie van rettich en daikon. De bekendste variant is rood met wit vruchtvlees, maar er bestaan ook witte, roze, paarse en zelfs zwarte radijzen. De pittigheid komt van zwavelhoudende stoffen die vrijkomen zodra je de radijs snijdt of kneust.
In de keuken
Rauw komt radijs het best tot zijn recht: in plakjes, partjes of heel klein gesneden door een salade. Ook lekker op roggebrood met boter en een snuf zout, of als knapperige topping op taco’s en bowls. Wil je de scherpte temperen, meng de radijs dan met een beetje zout en laat kort staan, of kies voor een dressing met citroen of azijn.
Radijs combineert goed met frisse kruiden (dille, bieslook, peterselie), zuivel (yoghurt, kwark, roomkaas), komkommer, appel, citrus en noten. Kort roosteren of sauteren maakt hem milder en licht zoet, met een zachtere textuur.
Bewaren & bereiding
Bewaar radijs in de koelkast. Verwijder het loof als het eraan zit (dat onttrekt vocht), en bewaar de knollen in een afgesloten bakje of zakje met eventueel een stukje keukenpapier tegen uitdroging. Radijs blijft zo het best knapperig.
Was de radijs vlak voor gebruik en snijd hem bij voorkeur pas op het laatste moment. Het loof kun je, als het fris is, gebruiken in pesto of fijngehakt door een salade.
-
Geroosterde radijs met knoflookboter en dille
Bekijk receptGeroosterde radijs uit de oven wordt zachter, milder en licht zoet, terwijl de groente toch nog een fijne bite houdt. De knoflookboter geeft het gerecht een ronde, romige smaak, terwijl dille en citroen zorgen voor frisheid en balans.