Rozemarijn
Rozemarijn is een krachtig aromatisch kruid met een harsige, mediterrane geur en een volle, kruidige smaak. Het past bijzonder goed bij pompoen, vlees en vis, en geeft ook sauzen en soepen extra diepte.
Latijnse naam: Salvia rosmarinus (syn. Rosmarinus officinalis)
Herkomst: Zuid-Europa en Klein-Azië
Hoogte: 0,5–1,5 m
Bloeiperiode: april–juni
Levensduur: vaste plant
Beschrijving
Rozemarijn is een wintergroene dwergstruik met smalle, naaldachtige blaadjes. In het voorjaar bloeit hij met kleine bloemen die vaak blauwpaars zijn, maar soms ook wit. Door zijn stevige groei kan de plant, afhankelijk van standplaats en snoei, uitgroeien tot een compacte struik van ruim een meter.
In de keuken
De smaak van rozemarijn is intens en aromatisch. Gebruik het spaarzaam en geef het bij voorkeur even mee met de bereiding, zodat de geurige oliën zich goed kunnen verspreiden. Rozemarijn is heerlijk bij geroosterde pompoen, aardappelen en gegrild vlees, en combineert mooi met geitenkaas. Zowel verse als gedroogde rozemarijn is geschikt; vers is wat frisser, gedroogd vaak wat geconcentreerder.
In de kruidentuin
Veel rassen zijn redelijk winterhard en kunnen in Nederland en België buiten overwinteren, zeker op een beschutte plek in goed doorlatende grond. Bij strenge vorst helpt het om de plant tijdelijk wat extra bescherming te geven. Na enkele jaren kan rozemarijn aan de onderkant kaler worden; met lichte snoei houd je de struik compacter.
Vermeerderen kan eenvoudig via stekken. Knip in de zomer langere, niet-bloeiende scheuten, verwijder de onderste blaadjes en steek ze in een luchtig mengsel van zand en turf. Laat de stekken beschut wortelen; na de winter kunnen ze naar buiten, in pot of in de kruidentuin.