Kip met gedroogde pruimen, sjalotten en cider
Goudbruin gebakken kip met zachte sjalotten, hartige spekjes en gedroogde pruimen. Droge cider geeft de jus fruitigheid en frisheid, terwijl een kleine hoeveelheid roomboter de ingekookte jus aan het einde afrondt.
Aantal personen: 4 personen
Voorbereiding: circa 15 minuten
Bereiding: circa 70 minuten
Totale bereiding: circa 85 minuten
Ingrediënten
- 4 grote kipdijen met bot en vel, samen circa 900 g–1 kg
- 150 g gedroogde pruimen zonder pit
- 100 g gerookte spekreepjes
- 4 sjalotten
- 125 ml droge cider
- 200 ml kippenbouillon, liefst niet te zout
- 4 takjes verse tijm
- 1 laurierblad
- 1 theelepel Dijonmosterd
- een scheutje zonnebloemolie
- 15 g roomboter
- versgemalen zwarte peper
- zout, naar smaak
Voorbereiding
-
Bereid de ingrediënten voor
Pel de sjalotten en halveer ze in de lengte. Controleer of alle pruimen ontpit zijn. Zijn de pruimen hard en droog, week ze dan circa 20 minuten in warm water en laat ze goed uitlekken. Zachte pruimen kunnen direct worden gebruikt. Houd 25 ml van de cider apart voor het afwerken van de jus. -
Bereid de kip voor
Dep de kipdijen goed droog en bestrooi ze met versgemalen zwarte peper en een kleine hoeveelheid zout. Houd rekening met het zout uit de spekreepjes en de bouillon.
Bereiding
-
Verwarm de oven voor
Verwarm de oven voor op 180 °C, boven- en onderwarmte. Gebruik een ovenbestendige gietijzeren pan van circa 30 cm. -
Bak de kip goudbruin
Verwarm de pan rustig op middelhoog vuur. Voeg een scheutje zonnebloemolie toe, voldoende om de bodem dun te bedekken. Leg de kip met de velkant naar beneden in de pan en bak 8–10 minuten, tot het vel diep goudbruin en krokant is. Keer de kip om en bak de andere kant nog circa 3 minuten. Haal de kip uit de pan. -
Bak het spek en de sjalotten
Giet zo nodig een deel van het vrijgekomen kippenvet af, zodat een dun laagje vet in de pan achterblijft. Voeg de spekreepjes toe en bak ze circa 3 minuten. Voeg de sjalotten toe en bak nog circa 5 minuten, tot ze licht kleuren. -
Blus af met de cider
Schenk 100 ml cider in de hete pan en roer de aanbaksels van de bodem los. Laat de cider 2–3 minuten stevig inkoken. -
Maak de jus
Voeg de kippenbouillon toe en roer de Dijonmosterd erdoor. Voeg de tijm en het laurierblad toe en breng de jus zachtjes aan de kook. -
Gaar de kip in de oven
Leg de kip terug in de pan met het vel naar boven. Zorg dat het vel zoveel mogelijk boven het vocht blijft. Zet de pan zonder deksel 20–25 minuten in de oven. -
Voeg de pruimen toe
Verdeel de pruimen tussen de kipstukken en druk ze gedeeltelijk in de jus. Zet de pan nog 15–20 minuten in de oven. De kip is gaar wanneer de kerntemperatuur in het dikste deel minimaal 75 °C bedraagt, zonder met de thermometer het bot te raken. -
Laat de kip rusten en kook de jus in
Haal de kip uit de pan en laat circa 5 minuten rusten. Verwijder de tijmtakjes en het laurierblad. Houd de pruimen en sjalotten warm bij de kip. Zet de pan op middelhoog vuur en laat de jus enkele minuten inkoken tot hij duidelijk geconcentreerder is en licht stroperig wordt. -
Fris de jus op en monteer met boter
Voeg de achtergehouden 25 ml cider toe en laat deze kort, ongeveer 30 seconden, meekoken. Haal de pan van het vuur. Voeg de koude roomboter toe en beweeg of klop deze door de jus tot de boter volledig is opgenomen en de jus glanst. Laat de jus daarna niet meer koken. Proef en breng zo nodig op smaak met peper en zout. -
Serveer de kip
Verdeel de sjalotten en pruimen rond de kip en schep de jus eromheen. Houd het krokante vel zoveel mogelijk vrij van de jus.
Lekker met aardappelpuree en sperziebonen.